Vegetarische Slager wil eigen productiefabriek

01-05-2013 \\ Innofood nieuws

 

Jaap Korteweg, directeur van de Vegetarische Slager uit Den Haag, wil de grootste producent van vegetarische producten worden. De hoge prijs van de producten van de Vegetarische Slager staan die ambitie nog in de weg. Met een productie op grotere schaal in een eigen productiefabriek moet de prijs van de producten met 30% tot 40% omlaag kunnen.

Chef-kok Paul Bom ontwikkelt vegetarische producten waarvan een vleeseter versteld moet staan. Bom gebruikt 6 basisstructuren die bestaan uit grondstoffen met een hoog gehalte aan eiwit zoals soja, tarwe en lupine en combinaties van deze. Afhankelijk van de klant waar het bedrijf mee werkt, worden ijzer en vitamine B12 toegevoegd om de producten tot volwaardige vleesvervangers te maken. De producten worden geproduceerd bij een daarin gespecialiseerde fabriek. Zo wordt de Vegetarische Kroket in een krokettenfabriek geproduceerd.

Schaalgrootte
Directeur Korteweg wil de concurrentie met vlees aangaan, qua schaalgrootte. Om deze ambitie waar te maken zijn er nog twee obstakels die overwonnen moeten worden. ‘Bij veel consumenten bestaat nog steeds het idee dat vleesvervangers niet lekker zijn. Dat beeld proberen we met onze producten tegen te gaan.’ Het andere obstakel is de prijs van de producten. ‘Om de prijs omlaag te krijgen, moeten we op veel grotere schaal produceren’, legt Korteweg uit. De plannen om een eigen fabriek te bouwen zijn al in een vergevorderd stadium.

Buitenland
Er is ook volop belangstelling uit het buitenland. De Belgische supermarktketen Delhaize zal binnenkort enkele producten verkopen. Er zijn vergevorderde gesprekken met Duitsland, Luxemburg, Canada en Noorwegen. De directeur van de grootste Braziliaanse fabriek van vegetarische producten komt binnenkort langs. Er zijn Portugese ondernemers die een franchise willen opzetten. Korteweg zoekt bij internationale partners zorgvuldig naar partijen die ervaring hebben met het opzetten van een keten. ‘We krijgen veel vragen en moeten daarom goed beoordelen of het een zinvolle stap is.’

Bron: VMT / FoodHolland