Praktijkcentrum Twente: meer aandacht voor procestechniek

23-12-2014 \\ Overig nieuws

De komende jaren zullen procesoperators, zowel in non-food als food, gewilde arbeidskrachten zijn. Leuk voor de werknemers in kwestie, maar minder voor de bedrijven. Zij willen immers kunnen kiezen. Vandaar dat zij inzetten op een meer doelmatige scholing, beter gezegd de link tussen grijs en groen.

Concreet betekent dit dat een aantal koplopers in de Twentse proces- en levensmiddelenindustrie, samen met het ROC van Twente en AOC Oost, een praktijkcentrum op willen zetten voor de regio Oost-Nederland (Overijssel, Achterhoek en Stedendriehoek). Het gaat hierbij niet om een nieuwe faciliteit, maar een samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven om onder meer faciliteiten, specialisten (en specialismen) en andere middelen te delen.

Anton Ooijen (FrieslandCampina/FNLI) is nauw betrokken bij het initiatief: ‘Doordat grijs en groen onderwijs dichter tegen elkaar gaan zitten, kunnen ze procesoperators/levensmiddelentechnologen (met name BOL/MBO) afleveren die specifieke kennis hebben van de voedingsmiddelenindustrie, bijvoorbeeld hygiëne, reinigingstechnieken, voedingskennis en ga zo maar door. Momenteel is deze link nog onvoldoende aanwezig in de bestaande opleidingen.’
Naast het afleveren van veel meer BOL/MBO-studenten die naadloos in kunnen stromen in de levensmiddelenindustrie, moet het Praktijkcentrum ook de proces- en levensmiddelenindustrie in Twente op de kaart zetten.

Annet van Mazijk, directeur van het MBO College voor Vormgeving, Mode & Media, Laboratorium en Procestechniek, van het ROC van Twente: ‘In onze regio zijn tal van bedrijven uit de procesindustrie (food, feed, chemie) gevestigd. Met het initiatief kunnen we dit gebied neerzetten als een centrum voor procestechniek.’

Op de kaart
Met het op de kaart zetten van de sector procestechniek en voedingsmiddelentechnologie zal het imago van de sector en de instroom van MBO/BOL-studenten en de zij-instroom (BBL) van personeel worden bevorderd, aldus Annet van Mazijk. Dat is hard nodig. Immers, met de uitstroom van babyboomers worden bedrijven in toenemende mate geconfronteerd met krapte op de arbeidsmarkt.

Binnen het Praktijkcentrum ligt de nadruk, zoals de naam al doet vermoeden, op het vertalen van lesstof naar de praktijk. Dat kan op basis van simulaties, maar ook via proef/labopstellingen en zelfs pilot plants. Van Mazijk: ‘We willen daarbij de aanwezige specialistische kennis op het gebied van robotica, nanotechnologie, mechatronica, procestechniek en beeldschermbesturingsprocessen beter benutten.’

ForFarmers
Inmiddels hebben enkele bedrijven uit de non-food, food en feed zich aangesloten bij het Praktijkcentrum. Een van deze ondernemingen is ForFarmers, actief op het gebied van conventionele en biologische voeroplossingen voor de veehouderij. Joyce van Eerden, HR business partner bij het bedrijf, ziet de meerwaarde van het Praktijkcentrum vooral in het interesseren en aantrekken van jonge talenten. ‘ForFarmers zet zwaar in op het continu verbeteren van processen. Dat geldt voor veiligheid, een hogere output, maar ook voor kwaliteit. Immers, de eisen aan het product worden steeds hoger.’
Ooijen stelt dat inmiddels gesprekken gaande zijn met een twaalftal levensmiddelenbedrijven in de regio om de basis onder het Praktijkcentrum te verstevigen. ‘We merken dat de interesse groot is. Ondernemingen die zich aan willen sluiten, zijn van harte welkom.’

 

Bron: Food & Nutrition