Nieuwe spirit en nieuw elan!

17-09-2013 \\ Innofood nieuws

 
 
In gesprek met Rob Snel, het nieuwe gezicht en voorman van Innofood
 
 
Met de komst van Rob Snel, oud-bestuursvoorzitter van Grolsch BV, heeft Innofood nieuw elan en nieuwe spirit gekregen. Wij zijn benieuwd naar zijn visie en eerste ervaringen tot nu toe. Zijn eerste honderd dagen als voorzitter van Innofood zitten erop. Wat opvalt is de drive, de passie en dadendrang. Hij weet mensen te binden, boeien en bezielen. Wat gaan wij ècht van hem merken?
 
   
 
 
  
Gedreven als een jonge hond steekt Rob Snel van wal: “Het begint te kriebelen, er moeten nu resultaten geboekt worden, dan gaat het pas echt leuk worden. Ons bestuur is op sterkte, alle regio’s zijn erin vertegenwoordigd, de sectoren vind je terug, de rolverdeling en de portefeuilleverdeling zijn klaar en we hebben de focus op drie speerpunten. Vergeet niet de professionaliseringslag die wij inmiddels hebben doorgemaakt. Er zijn samenwerkingsafspraken met de Provincie Overijssel, Kennispoort Zwolle, Kennispark Twente, Syntens, Oost NV en UT. Wij zijn via de HCA betrokken bij het Topsectorenbeleid van het kabinet.
 
Dat klinkt nogal amibitieus, maar wat merk ik daarvan als gewoon Innofood-lid?  
Je merkt er niets van als je aan de kant blijft staan. Je moet als lid niet met oogkleppen op in de wereld staan. Als bedrijf volg je immers de markt op de voet, als je om je heen kijkt zie je dat alles in beweging is en de tijd dat je op een eiland woont, is al lang voorbij. De toekomst ligt in slimme samenwerking, in slimme toepassingen van nieuwe processen, technieken, in zogenaamde crossovers. Wij hebben elkaar meer nodig dan we denken, het begint met elkaar ontmoeten, het zien, de verwondering, de klik die je met elkaar kunt hebben door bij elkaar over de vloer te komen. De voorsprong van een productinnovatie ben je na een half jaar al weer kwijt, het is zo in een of andere vorm gekopieerd. Dat kan in deze moderne snelle tijd, kennis is van iedereen, kennis is ontsloten en voor iedereen toegankelijk. De winst zit in nieuwe verbindingen, crossovers.
 
Wat gaat Innofood dan daaraan doen?
We gaan er voor zorgen dat foodbedrijven meer met elkaar in contact komen. Een aantal bedrijven heeft dat al ontdekt. Die zijn veelvuldig te zien bij themabijeenkomsten, maar daar vind je voornamelijk de kwaliteitsmanagers en/of productiedirecteuren van middelgrote en grote foodbedrijven vertegenwoordigd. Wij willen ook dat de dga’s en verantwoordelijken voor innovatie en bedrijfsvoering, kleine en middelgrote bedrijven meer van elkaar profiteren. We gaan een keer per jaar een grote dag organiseren voor de foodsector in Oost-Nederland, met veel toeters en bellen. Bijvoorbeeld “Innofood geeft voedsel aan vernieuwing!” Met ’s middags bezoeken aan bedrijven rond thema’s zoals: zoutreductie in producten, innovatie in food packaging, nieuwe toepassingen van sensoren in de foodindustrie, de inzet van nanotechnologie. Ook vraagstukken als de arbeidsmarkt voor de foodsector, hoe zorgen wij ervoor dat wij voldoende vakmensen in huis hebben, midden- en hoger kader. Dit onder de noemer Talent4Food met o.m. de samenwerking met AOC Oost en andere kennisinstellingen. Zo kan ik nog een tijdje door gaan met logistieke vraagstukken, gezamenlijke inkoop van energie, hergebruik van water etc.
 
Rob, kun je nog even aangeven op welke punten Innofood de focus heeft?
Wij hebben nog zeer onlangs de leden gevraagd welke punten prioriteit moeten hebben. Daar kwamen de volgende drie punten als belangrijkste naar voren: allereerst ontmoeting en netwerken van, voor en door leden van de foodsector. Ten tweede kennisdeling en innovatie: te weinig bedrijven, vooral kleine bedrijven profiteren hiervan. Ten derde werken aan de arbeidsmarktpositie. Alle bedrijven zouden mee moeten doen aan Talent4Food, alle bedrijven krijgen te maken met tekorten aan gekwalificeerde arbeidskrachten. Die tijd duurt niet lang meer. Wij moeten niet hebben zitten slapen, want dat zet ons op achterstand. Dat is nu juist de kans waarbij Oost-Nederland zich kan onderscheiden.
 
 
  
   
  
Nu je het daarover hebt, waarin onderscheidt de foodsector in Oost-Nederland zich van de rest van Nederland?
De foodsector is een van de oudste sectoren, van primitief tot high tech nu. Voedsel moet veilig zijn, de klant moet vertrouwen hebben in de kwaliteit van het product en de kwaliteit van het leven. Daarin onderscheidt zich de foodsector in Oost-Nederland. Degelijkheid, mooie A-merken die een groot vertrouwen hebben bij mensen in het hele land en ver daarbuiten. Het oosten staat voor gezond, veilig voedsel met een duurzaam karakter. Het economisch belang van de foodsector in het oosten is groot en kan meer dan ooit de banentrekker zijn. Van o.a. Zuivelhoeve, Huuskes, PréPain, Food Connect, Aviko, Bakker Wiltink, Elite Salades & Snacks had men 30 jaar nog niet of amper gehoord. Het zijn nu de jonge veelbelovende bedrijven met veel medewerkers.
Maar ook bestaande bedrijven zoals Zwanenberg, Grolsch, Bolletje, FrieslandCampina, Johma en Rouveen Kaasspecialiteiten timmeren door innovaties stevig aan de weg. Kennisdelen is een heel belangrijke taak van Innofood, maar ook samen als foodsector de kijk op de toekomst blijven houden. Blijven vitaliseren en innoveren is de kracht. Het inspireren van leden, het bewustzijn vergroten, het aandragen van ideeën, het helpen bij probleemoplossingen. Dat is waar wij samen voor staan.
 
 
Rob, wanneer is de missie geslaagd?
Wanneer de drie focuspunten tastbare resultaten hebben opgeleverd: arbeidsmarktpositie voor de foodsector is geborgd; de kennisdeling en innovatie middels crossovers werkt en de bedrijven weten elkaar gemakkelijk te vinden door Innofood-activiteiten. De missie is geslaagd als Innofood permanent bijdraagt aan de bewustmaking van de innovatievraag. Die medaille heeft twee kanten: de behoefte van de bedrijven aan innovatie aan de ene kant en wat er aan innovaties (o.a. crossovers) klaar ligt bij de universiteiten en hogescholen om toegepast te worden in de bedrijven.
Innofood was er al wel, maar achter de schermen, niet zichtbaar, de organisatie stond er nog niet, nu wel. De eerste stappen zijn gezet, nu de resultaten nog!
 
André Bomers