Aanbevelingen voor beheersing van Listeria in vleeswarenbedrijven

26-03-2013 \\ Innofood nieuws

 

Om veilige producten te kunnen leveren, moeten vleeswarenbedrijven de bacterie Listeria monocytogenes in de producten en in de productieomgeving monitoren. Een onderzoek van TNO, gefinancierd door het Productschap Vee en Vlees, geeft aanbevelingen hoe dat het beste kan worden gedaan en welke maatregelen kunnen worden genomen bij aanwezigheid van Listeria.
Het rapport van dit onderzoek is gratis beschikbaar voor alle bedrijven die de PVV-heffing voor de vleeswarenindustrie betalen.
 

 

Vleeswarenproductiebedrijven zijn veelal verplicht tot regelmatig onderzoek van hun producten op de aanwezigheid van Listeria monocytogenes. Dit onderzoek wordt of door het bedrijfslaboratorium zelf uitgevoerd of door een extern laboratorium. Bij geconstateerde productbesmetting moet het bedrijf actie ondernemen om de betrokken partij (tijdelijk) te blokkeren of uit de handel te nemen. Dit in verband met een verhoogd voedselveiligheidsrisico.
 

Het onderzoek van TNO bestond uit een twee locatiebezoeken, navraag bij twaalf vleeswarenbedrijven en een daarop gebaseerd advies voor te nemen beheersmaatregelen.

Uit de locatiebezoeken en de navraag bij de vleeswarenbedrijven blijkt dat het merendeel van de bedrijven eindproducten analyseert op de afwezigheid van L. monocytogenes in 25 gram product. Een aantal bedrijven doet aanvullend onderzoek van productmonsters aan het einde van de houdbaarheidstermijn.

Listeria wordt daarbij slechts incidenteel aangetroffen; slechts enkele bedrijven hadden hier in de afgelopen twee jaar ervaring mee. In de meeste gevallen werd de aanvankelijk aangetoonde aanwezigheid van L. monocytogenes in vervolgonderzoek niet bevestigd, waarna de geblokkeerde partij kon worden vrijgegeven. Met afnemers en met de NVWA bestaat over de gevolgde werkwijzen geen discussie.

Ook in omgevingsmonsters wordt Listeria niet vaak aangetroffen. Als dat het geval is, betreft het vaak de aanwezigheid van L. monocytogenes in vloerputten. Een goede reiniging en desinfectie van putten, bijvoorbeeld met heet water of stoom (gecombineerd met een voldoende lange inwerktijd) wordt daarom aanbevolen. Op contactplaatsen met product is bij geen van de bedrijven L. monocytogenes aangetoond.

Aandacht voor een goede hygiëne is de belangrijkste maatregel om besmetting met Listeria te voorkomen. De hygiëne kan worden beheerst door een adequate reiniging en desinfectie en een goede persoonlijke hygiëne.
De verificatie van de hygiënische maatregelen kan plaatsvinden door monitoring van proceshygiënemonsters en monitoring van eindproducten, direct na productie en op het einde van de houdbaarheidstermijn op aanwezigheid van L. monocytogenes.

Uitgaande van nagenoeg steriele producten na het verhittingsproces zal de besmetting van producten niet zo zeer product-gebonden zijn, maar eerder proces-gebonden. Ook bij rauwe producten is het proces vaak bepalend. Daarom wordt in het rapport geadviseerd de bemonstering van productmonsters per productgroep of per proceslijn uit te voeren in plaats van batchgewijs of per partij. Normaliter wordt Listeria bewaakt door een trendanalyse van de bevindingen op te stellen. In vleeswarenbedrijven komt Listeria echter zo weinig voor, dat bij het incidenteel aantreffen van
L. monocytogenes direct actie moet worden ondernomen.

Het TNO-rapport R 10402 “Beheersing van Listeria risico’s in de vleeswarenindustrie” is op aanvraag gratis beschikbaar bij het Productschap Vee en Vlees voor alle bedrijven die de PVV-heffing voor de vleeswarenindustrie betalen.

 

Bron: PVE