Een netwerk van bijzondere mensen

22-10-2017 \\ Innofood nieuws

In mei dit jaar is Wouter Jansen van Velsen (Mocca d’Or) benoemd tot nieuwe voorzitter van Stichting Innofood. Hij volgde Rob Snel (Grolsch) op die het foodnetwerk van Oost-Nederland vijf jaar lang heeft geleid. Tijdens de Innofood Ledendag in september voelde Food & Nutrition beide voorzitters aan de tand.

door: Pierre Gielen

 

Wouter, je eerste 100 dagen als voorzitter zitten erop. Hoe zijn ze bevallen?

Wouter: ‘Ik beschouw het als een eer om primus inter paris te zijn van deze club. Mensen die in deze industrie werken, zijn heel gepassioneerd. Dat merk je in Innofood. Wie eenmaal in de food zit, komt er nooit meer uit.’

Rob, hoe is het om je taken over te dragen aan een nieuwe voorzitter?

Rob: ‘Dat doe ik graag. Wouter is vrolijk en optimistisch en wat hij zegt is meestal waar. Tegelijk gaat de voedingsindustrie mij nog steeds zeer aan het hart. Het blijft zo’n mooie industrie, waarin bijzondere mensen werken. Dus overal waar ik kom, zal ik nog steeds een mening hebben of de handen uit de mouwen blijven steken.’

Rob zei in een artikel uit 2013, kort na zijn aantreden: “Food moet de banenmotor van de regio worden, we zetten in op regionalisering en crossovers.” Wouter zegt anno 2016: “We moeten vooral de netwerken intensiveren en inhoudelijk sterker worden.” In hoeverre betekent dat een grote koerswijziging?

Wouter: ‘Er is niks mis met de koers van Innofood, maar wat we doen, moeten we wel heel goed doen. We moeten mensen blijven inspireren en onze leden een effectief platform voor het netwerken bieden. Als we een goed product neerzetten, hebben we bestaansrecht. Dan doen we het goed voor de leden. Daar hebben ze wat aan.’

Het klinkt niet als een ommezwaai, hoogstens een accentverschuiving

Rob: ‘Het is vooral een intensivering. Afgelopen jaar hebben we structuur goed neergezet en het bestuur verjongd. Dat nieuwe bestuur barst van de ambitie, van de plannen en pakt de zaken aan op een manier die past bij deze tijd. Het is een natuurlijke overgang, dat Wouter het met zijn enthousiasme overpakt. Ik ben ervan overtuigd dat we nu een verdieping gaan zien van de structuur die we hebben neergezet: de structuur in vier vakgroepen die de pijlers vormen van Innofood. En van de Ledendag, die daar als een soort dak overheen ligt.’

Hoe heeft de professionalisering vorm gekregen waar je het vier jaar geleden over had?

Rob: ‘Dat blijkt uit onze projecten, zoals Talent4Food en de oprichting van de European Packaging Gallery. Dat is een nog steeds goed draaiend netwerk, waarin deskundigen op het gebied van verpakkingen en verpakkingsontwikkeling samen met Innofoodbedrijven aan tafel zitten. We hebben verder twee Innovatiemakelaars in de regio gekregen, waar we heel nauwe banden mee hebben. Ook dat noem ik professionalisering.’

Wouter: ‘En nu starten we een nieuw project met basisscholen, de Ice Cream Challenge. Het komt erop neer dat we het initiatief hebben genomen om de voedingsmiddelenindustrie onder de aandacht te brengen bij groep 7 en 8. We hebben een lesprogramma gemaakt, een website en alle leermiddelen die je nodig hebt. Dat is opgehangen aan een wedstrijd waarbij de leerlingen een groenten-ijsje moeten bedenken. Zo willen we kinderen op de lagere school inzicht geven in wat het betekent om bijvoorbeeld te werken in een fabriek waar ze salades maken. We maken de leerlingen enthousiast; dat gaat ons helpen om een X-aantal jaren later de juiste mensen op de juiste opleiding en uiteindelijk in onze bedrijven te krijgen. Want dat is een uitdaging de komende jaren. De pilot start met 6 bedrijven, allen leden van Innofood en een stuk of 10 scholen. Dit soort projecten starten en laten vliegen, dat is één van de doelstellingen van Innofood.’

Die arbeidsmarkt blijft een aandachtspunt?

Rob: ‘Klopt. Dat is al 40 jaar zo. In alle technische beroepen is het lastig om voldoende gekwalificeerd personeel te krijgen. Die keuzes worden al heel vroeg in de schoolcarrière gemaakt. Vandaar dat we ons al op de lagere school richten. Want als kinderen aan voedsel denken, denken ze allereerst aan boeren. En bij ‘foodindustrie’ denken ze aan zwaar en vies werk. Mensen hebben niet in de gaten dat alles in hun koelkast afkomstig is uit diezelfde voedingsindustrie. Als ze zich dat realiseren, kunnen ze trots worden. En daar misschien zelf wel een bijdrage aan leveren. Onze uitdaging is de mensen ervan bewust te maken dat dit hartstikke gaaf en zeer verantwoord werk is.’

Als we vier jaar verder kijken, waar staat Innofood dan?

Wouter: ‘Ik denk dat de Ice Cream Challenge een groot succes is geworden en we inmiddels alweer het volgende project hebben opgestart. We zullen met onze projecten een voorbeeld zijn voor veel andere regio’s. Ook hoop ik dat Innofood over vier jaar een nóg breder netwerk heeft, met nóg meer leden dan nu.’

Rob: ‘Mijn laatste wens is dat we Friesland Campina als lid binnenhalen. Voorloper Friesland Foods was jarenlang lid van Innofood, maar zegde na de fusie met Campina het abonnement op. FrieslandCampina is natuurlijk een multinational, maar het heeft ook roots in de regio, denk alleen al aan de twee zuivelfabrieken in Borculo. Het speelt een belangrijke rol in dit deel van het land en hoort dus ook lid te zijn van Innofood. Wij zouden trots zijn als ze weer gewoon toetreden.’


 

Op de valreep deelt ex-voorzitter Rob Snel nog een pluim uit aan accountmanager Dini Kortman van Groeipunt, onderdeel van AOC Oost: ‘Zij is een van de drijvende krachten achter Innofood. We hebben altijd voortreffelijk samengewerkt. Zij is de kurk waar Innofood jaren op dreef.’

 

Bron: Food & Nutrition